Zes tips om niet zo veel mee te maken

“Jij hebt niet veel meegemaakt”, zegt een collega tegen mij.
Ik ben 60.
“Hoe kom je daar nou bij?”, vraag ik hem.
Hij is 30.
“Omdat jij niet veel hebt gereisd. Jij bent nog nooit buiten Europa geweest”, is het antwoord.

Dat klopt. Ik ben nog nooit in de Amerika’s geweest of in Afrika, Azië, Australië of op de Noord- en Zuidpool. Ik had er wel naar toe kunnen reizen, ik heb het alleen nooit gedaan. Ik beleefde zo al genoeg. Hier zijn zes tips om zonder ver te hoeven reizen net genoeg mee te maken.

1. Lees, kijk en luister naar andermans verhalen

Ik ken die wereld buiten Europa alleen van krant, boek, tv, film en website. En uit verhalen van vrienden, omroepcollega’s en familie. Daarvan zijn vooral de collega’s de fanatiekste wereldreizigers. De gewildste bestemmingen van mensen die ik ken zijn New York (en de hele rest van de USA), Indonesië, de Caraïben, India en Korea.

2. Koop geen rugzak

Ik herinner me dat in de jaren ‘90 radiocollega’s ook graag een verre reis maakten. Met een rugzak. De een toerde door Vietnam, de ander door Zuid-Amerika. Een enkeling ging zelfs naar Afrika. Als ze weer terug op hun werk waren, waren ze nog twee weken lang bruin en mager en gaven ze af op onze overvolle supermarkten. Daarna werden ze weer normaal.

3. Wacht op souvenirs die anderen meenemen

Ik kende ook mensen die vaak in de Alpen kwamen. Die wilden een nóg hoger berggebied. Dat werd dan Nepal en de Mount Everest. Op mijn vakanties in Oostenrijk vond ik de sporen van die verre reizen terug. De berghutten in de Alpen raakten versierd met Tibetaanse gebedsvlaggetjes en je kwam daar dan soms ook een echte Nepalees of Tibetaan tegen. Als een souvenir met de alpinistische wereldreizigers meegekomen en achtergelaten op een Oostenrijkse alm.

4. Fiets niet te ver, wandel vlak

Ik heb zelf inderdaad niet ver gereisd. Binnen Europa reisde ik te voet, op de fiets, met de trein, in een skûtsje, met de auto en vliegend. Voor mijn gevoel was mijn langste reis ooit de fietstocht die ik van Nijmegen maakte naar de champagnestad Reims en weer terug via Waterloo en Eindhoven. De allerspannendste, maar hemelsbreed de kortste reis was de Hoher Gang in het Mieminger gebergte. Een vreselijk steil rotspad voor zeer geoefende bergwandelaars die absoluut geen hoogtevrees hebben. Ik deed er een uur over en elk detail van die onverschrokken tocht staat me nog bij.

5. Reis diagonaal voor je werk

In Nederland zelf heb ik wel veel rondgereisd. Van Den Helder tot Vlissingen, van  Zundert tot Delfzijl, van Enschede tot Scheveningen, van Terschelling tot Maastricht. Ik doorkruiste het hele land voor mijn werk. Ik was radioverslaggever voor de Wereldomroep. Ik maakte reportages over cultuur en kunst in Nederland voor Nederlandstaligen in de rest van de wereld. Als mijn radioreportage af was, werd die 24 uur lang, op elk uur, in weer een volgend deel van de wereld uitgezonden. Ik kreeg post van luisteraars uit verre landen. Soms kwam ik in Nederland mensen tegen uit de Caraïben die mij herkenden van de radio-uitzendingen daar.

6. Ga werken bij de radio

Ikzelf  heb dan niet erg ver gereisd, maar mijn radioreportages over Nederlandse cultuur en kunst wél. Ze zijn de hele wereld over gegaan. Daar had ik nooit meer zo bij stil gestaan als mijn collega niet had beweerd dat ik niet zo veel heb meegemaakt.